Kokosolie

Veel mensen denken dat kokosolie niet gezond is, omdat het vrijwel hoofdzakelijk verzadigde vetten bevat en het af wordt geraden door het voedingscentrum. Dit is echter een wijdverbreid misverstand, omdat je niet alle verzadigde vetten over één kam kunt scheren.

In de volksmond spreken we vaak over goede vetten (HDL-gehalte beinvloed door onverzadigde vetten) en slechte vetten (LDL-gehalte beinvloed door verzadigde vetten). Beide soorten noemen we overigens cholesterol, maar als het in de volksmond genoemd wordt, denken we dus aan de verzadigde vetten, het slechte vet. Teveel slechte vetten is niet goed. Echter belangrijker nog; het gaat juist om de verhouding tussen de goede en slechte vetten. Eet je in verhouding teveel slechte vetten dan gaat je LDL-gehalte omhoog. Een LDL-gehalte dat hoger ligt dan het HDL-gehalte zorgt voor problemen. Je cholesterol is uit balans.

Wat bij kokosolie het geval is, is dat deze voor het grootste deel bestaat uit wat wij slechte vetten noemen. Daarom zijn we er ook zo huiverig voor. Echter zijn slechte vetten en dus verzadigde vetten wel zo slecht? Niet als het in balans is met de onverzadigde vetten. Maar uit onderzoek blijkt ook dat er verschillen zijn in verzadigde vetten.

Zonder meteen in te ingewikkelde details te treden; Er zijn verzadigde vetten met korte tot lange ketens. De lange ketens zijn slecht door het lichaam op te nemen en zetten de vetten om in lichaamsvet. Dat willen we niet. Korte en middellange vetzuurketens echter blijken door het lichaam gemakkelijker verbrand te worden als energie.

Kokosolie bestaat uit korte en middellange vetzuurketens en ondersteunt dan ook bij het afvallen, omdat het makkelijk als energie verbrand kan worden. Daarbij blijkt dat kokosolie het HDL-gehalte juist verhoogd en dat komt door een stofje in de olie dat laurinezuur heet. Dit laurinezuur heeft nog meer voordelen voor het lichaam waar we u zo meer over zullen vertellen.

Het voedingscentrum
Het voedingscentrum zegt: “kokosvet bevat het meeste verzadigde vet van alle vetsoorten. Verzadigd vet verhoogt het slechte LDL cholesterol. Het bevat laurinezuur. Sommige mensen zeggen dat laurinezuur gezond is, maar het laat cholesterol het sterkst stijgen. Ook al zouden er positieve effecten gevonden worden, kokosvet blijft slecht voor je hart- en bloedvaten. Daarom kun je kokosvet beter alleen bij uitzondering eten”.

Eerst een uitgebreidere uitleg over vetzuren. Vetzuren bestaan uit ketens van koolstofatomen. Deze ketens kunnen verschillende lengtes hebben. Er wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen korte, middellange en lange vetzuurketens. Kokosolie bestaat hoofdzakelijk uit korte en middellange vetzuurketens. Uit onderzoek blijkt dat deze korte en middellange vetzuurketens door het lichaam veel gemakkelijker verbrand worden als energie (vooral de hartspier maakt hier gebruik van) dan langere ketens, die het lichaam vanwege een lastiger vertering gemakkelijk als vetweefsel opslaat. Kokosolie ondersteunt dan ook bij het afvallen.

Even een interessant verhaal hierover: Cherie Calbom vertelt in haar boek “The Coconut Diet” over een groep Amerikaanse boeren die hun varkens sneller wilden laten aankomen in gewicht door ze extra kokosolie te geven. Helaas bleek het erg moeilijk de varkens dikker te laten worden, ze werden juist slanker en actiever. De boeren ontdekten dat met plantaardige oliën, zoals sojaolie en maisolie (beide bevatten veel lange keten vetzuren) de dieren wel vetgemest konden worden.

Volgens wetenschappelijk onderzoek blijkt dat regelmatige consumptie van kokosolie de bloedvetten juist normaliseert, waardoor het risico op hart- en vaatziekten juist afneemt. In 2003 vergeleek R. Mensink de resultaten van 60 verschillende cholesterolstudies en kwam tot de conclusie dat laurinezuur uit kokosolie het cholesterol sterk verhoogt (precies zoals het voedingscentrum zegt), maar vooral het HDL cholesterol, dat is dus juist gunstig (dit vermeldt het voedingscentrum niet). Bij gebruik van kokosvet bleek het gunstige HDL cholesterol 0,36 mmol/l hoger te zijn dan bij transvetten.

Laurinezuur (49% van kokosolie) is een vetzuur dat ook veel in moedermelk voorkomt en de voorloper is van monolaurine. Monolaurine is een stof met sterke antimicrobiële eigenschappen. Zo is aangetoond dat monolaurine de Helicobacter pylori kan doden, dit is de bacterie die maagzweren kan veroorzaken (Sun, O’Connor, Roberton, 2003).
Ook is aangetoond dat monolaurine de ‘verpakking’ van verschillende virussen, waaronder een herpesvirus, kan aantasten met als gevolg het uiteenvallen van het virus. Verschillende schimmels, waaronder enkele die in de dikke darm kunnen huizen, zoals Candida albicans, zijn ook niet bestand tegen monolaurine (Clarke, May, 2000).

Daarnaast is aangetoond dat het lichaam makkelijker bepaalde omega-3 vetzuren, die ook zo belangrijk zijn voor een goede gezondheid, opslaat wanneer er stoffen uit kokosolie aanwezig zijn (Price, 1998).
Natuurlijke zuivere olie uit kokosnoot bereid zonder chemische middelen of verhitting heeft tevens pijnstillende, anti-inflammatoire eigenschappen. Bij gezonde proefpersonen met een dieet waarvan 30% van de calorieën van kokosvet kwam, werd een daling van de ontstekingsfactoren waargenomen. Transvetten verhogen de ontstekingsmarkers juist.

We kunnen dus concluderen dat wat het voedingscentrum zegt te kort door de bocht is en kokosolie een positieve uitwerking heeft op het lichaam.