Parasiet

Een parasiet is een organisme dat zich hecht aan een “gastheer” en daardoor schade aanricht. De parasiet gebruikt de gastheer als voeding waardoor deze verzwakt. Parasieten komen voor bij planten en dieren: luizen, vlooien of wormen bijvoorbeeld zijn parasieten.
Bij de mens dringt bijvoorbeeld de malariaparasiet de rode bloedcel binnen, terwijl andere parasieten zich aan de darmwand hechten. Malaria komt in Nederland zeer zeldzaam voor, ons grootste probleem zijn de darmparasieten.
Darmparasieten kunnen worden ingedeeld in:
1. Eencellige organismen.
2. Wormen.
Men kan een worminfectie oplopen en treft dan in de ontlasting wormen aan, bijvoorbeeld lintwormen en aarsmaden, maar die zullen niet worden besproken. Het onderwerp is ééncellige darmparasieten, protozoa:
parasieten

Er zijn 5 vormen eencellige darmparasieten:
De amoebe die van vorm kan veranderen            Entamoeba histolytica
Een cel met trilhaartjes                                          Balantidium coli
Een cel met zweepdraden,                                    Giardia lamblia
Gistachtige parasieten                                          Blastocystis hominis
Sporenvormers die de cel binnendringen           Cryptosporidium, Cystoisospora spp

Protozoa hebben het eeuwige leven in de zin dat zij zich voortdurend in tweeën kunnen splitsen.
Eencellige darmparasieten leven slechts 1 uur buiten het lichaam en sterven dan af. De parasiet kan een heel hard schilletje vormen en zich inkapselen, dit is geen eitje maar een cyste. In cystevorm kan de parasiet een half jaar in leven blijven buiten het lichaam.

Parasitologisch onderzoek
De Oberon geeft aan of er sprake is van een parasiet. Graag laten wij dat onderzoeken in een laboratorium. Parasitologisch onderzoek kost ongeveer 50 euro.

Protozoa die voorkomen in de dunne darm en in de dikke darm.
A. De parasieten die in de dunne darm voorkomen zijn:
Giardia lamblia
Cryptosporidium spp.
Cystoisospora belli

B. Dikke darmparasieten zijn:
Entamoeba histolytica
Dientamoeba fragilis
Blastocystis hominis
Entamoeba hartmani
Endolimax nana
Entamoeba coli
Iodamoeba butschlii

Entamoeba histolytica
De meest schadelijke darmparasiet is Entamoeba histolytica, de veroorzaker van echte amoebendysenterie. Besmetting is gevaarlijk omdat de parasiet zich in de lever kan nestelen. Vroeger konden de levercysten niet behandeld worden, maar nu gelukkig wel. Dysenterie gaat gepaard met volumineuze, plakkerige, stinkende ontlasting. De stank is niet te missen. Deze parasiet komen wij in de praktijk in Nederland niet vaak tegen. Er is ook een onschadelijke dispar vorm. Dit is een vorm van amoebendysenterie die zich tot de darm beperkt en minder klachten geeft.

Giardia lamblia
5% van de kinderen in Nederland draagt deze parasiet bij zich. Bij volwassenen komen ze minder vaak voor. In Amerika komt deze parasiet vaker voor.
Giardia parasieten dringen zich niet naar binnen, maar beschadigen de dunne darm door zich met een zuignap aan de microvilli (vlokjes) te hechten. De dunne darm neemt ons voedsel op. Door beschadiging komt er minder voeding naar binnen, ook gaan er mineralen verloren. Hierdoor treedt vermagering en ijzergebrek met bloedarmoede op. Door beschadiging van de dunne darm kan er glutenallergie optreden. Kinderen blijven vaak in groei achter. Zij kunnen diarree hebben of een vettige, stopverfachtige ontlasting.  Wanneer een kindje niet goed groeit, is het van belang naar 2 mogelijke oorzaken te zoeken: glutenallergie en Giardia lamblia besmetting. Ook een kindje met bloedarmoede moet onderzocht worden op Giardia (en glutenallergie).

Sporenvormers
Sporenvormers komen vooral voor in tropische/subtropische omgeving, met name in het Caribisch gebied, Centraal- en Zuid-Amerika, India, Afrika en Azië.
Bij diarree is ongeveer in 1.2% van de gevallen Cryptosporidium spp, de oorzaak.
Cystoisospora belli komt vooral voor bij verminderde afweer en veroorzaakt diarree, koorts en buikpijn. De naam van deze parasiet is recent veranderd, de oude naam is Isospora belli.

Dientamoeba fragilis
De dikke darmparasiet die het meeste voorkomt, is Dientamoeba fragilis; 17-33% van de mensen met darmklachten blijkt deze parasiet bij zich te dragen. Darmklachten staan vaak niet voorop; wel moeheid, haaruitval en soms ook huid- of gewrichtsklachten. Men kan in de medische praktijk grote successen boeken door een Dientamoeba fragilis besmetting op te sporen, want veel patiënten zijn al jarenlang vermoeid zonder dat er ooit een oorzaak is gevonden. Nadat de parasiet weg is, keert de energie weer terug. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat alle vermoeidheid door deze parasiet wordt veroorzaakt. Het komt ook voor dat nadat de parasieten weg zijn, de vermoeidheid nog steeds bestaat en deze een andere oorzaak had.

Een aantal zaken rond Dientamoeba fragilis zijn ongewoon of verwarrend.
1. De parasiet heet amoebe, maar is een cel met trilhaar (een flagellaat).
2. Dientamoeba fragilis heeft een omvang van 7-12 μm, maakt geen cysten en zal buiten het lichaam snel afsterven. Toch komt dit organisme in Nederland van alle schadelijke parasieten het meeste voor. Het is niet duidelijk hoe de besmetting verloopt. In sommige gevallen zijn de aarsmaden (kleine witte wormpjes die men in de ontlasting kan aantreffen) besmet met parasieten.

Behandeling
Bij een drogist kun je mebendazol halen, huisartsen schrijven vaak metronidazol (Flagyl) voor beide zijn minder effectief, maar dat is ook afhankelijk van de ernst en hoe lang het er al zit. Vraag bij de huisarts naar ‘clioquinol’.
In het artikel “Clioquinol beperkt teruggekeerd” is de voorgeschreven dosering van clioquinol 3 maal daags 250 mg gedurende 7 tot 10 dagen met een effectiviteit van 75%. (Meestal wordt het middel voor 10 dagen voorgeschreven. Voor kinderen wordt de dosering per kg. berekend).

Als natuurgeneeskundige adviseer ik afhankelijk van de persoon en klachtenbeeld, wilde oregano of darmocare para of ADP. Maar ook een homeopathisch middel om de constitutie te versterken. Het beste kun je een afspraak maken met een natuurgeneeskundige. Wij kunnen met de Oberon zien of er nog een parasiet of worm zit, maar ook hoe het met je darm epitheel is en welke je zwakke schakel is die ook ondersteund moet worden met voeding, kruiden of homeopathie.

Nacontrole
En altijd controleren of de parasiet er nog is.

De meest voorkomende manieren van besmetting zijn:
1. Via het toilet, met name de kraan of de deurknop. Vooral in toiletten in het buitenland waar geen goede hygiëne heerst.
2. Contact met ontlasting, bijvoorbeeld in de verpleging, psychiatrische instituten of peuterspeelzaal. Ook loodgieters en mensen die in de vuilverwerking werkzaam zijn hebben een verhoogd risico.
3. Via voeding:
a. Parasieten kunnen worden overgedragen via voedsel: wanneer de grond cysten van parasieten bevat, kunnen ook de groenten besmet raken. Men wordt vooral besmet door de handen van het keukenpersoneel. Verse ontlasting kan, zowel thuis als in een restaurant, worden overgedragen op het  brood, fruit of rauwe groenten. Alleen heet voedsel dat met een lepel wordt opgeschept en dus gebakken, gekookt, gegrild of gefrituurd voedsel dat niet met de hand wordt aangeraakt, is veilig.
b. In het buitenland kan men  besmet worden door “vuil” water te drinken of groenten te eten die daarmee zijn gewassen. Controleer in een restaurant of de dop van de fles mineraalwater gesloten (verzegeld) is, zodat deze  niet met kraanwater kan zijn bijgevuld.
4. Tijdens de bevalling kan de baby besmet worden door ontlasting van de moeder, wanneer de moeder besmte is met parasieten. Veel kleine kinderen met darmklachten zijn op deze wijze besmet geraakt. Het is van belang om altijd de moeder na te kijken wanneer het kind parasieten heeft en vice versa.
5. Tijdens seksueel contact kan men met de ontlasting van de partner in aanraking komen.